Arie de Winter
Arie de Winter levert al heel lang rechtstreeks sla en andere lokaal geproduceerde groenten aan Gimsel. En dat in 100% bd-kwaliteit!
Een ietwat ondergesneeuwd streven met betrekking tot biologische en bd-geteelde groenten is het zoveel mogelijk beperken van het aantal voedselkilometers, de afstand tussen productie en consumptie van een voedingsmiddel. Bij Gimsel is de meeste sla afkomstig van het bd-bedrijf van Arie. Dat ligt in Oostvoorne, ten westen van Rotterdam. Lekker lokaal dus, maar niet onder-de-rook-van.
WAT IS ER ZO AANTREKKELIJK AAN HET TELEN VAN SLA?
“Op mijn zandgrond groeit sla erg makkelijk, dus dat is een groot voordeel,” vertelt Arie met ingehouden enthousiasme. “Daarnaast vind ik sla een mooi gewas. Er zijn heel veel soorten en daarbinnen weer veel rassen, dat vind ik interessant. Je hebt naast de gewone groene kropsla (botersla) bijvoorbeeld eikenbladsla, ijsbergsla, lollo bionda, lollo rosso en romaine-sla. Je hebt sla die je rauw eet en sla die je beter kunt stoven (bindsla). Je hebt mini-varianten en je hebt hele grote, je hebt naast groene sla ook rode en bijna geelachtige.” Zelf teelt hij nu zeven soorten, waarbinnen meerdere rassen.
Bioscope
Zomer 2023
HERHAALDELIJK OPNIEUW BEGINNEN
“Het aantrekkelijke van sla is ook dat het snel groeit, waardoor ik zeven tot acht weken na het uitplanten al kan oogsten en opnieuw beginnen met nieuwe plantjes. Zo heb ik eind maart de eerste sla-plantjes uitgeplant en de sla eind mei geoogst. Begin juni heb ik nieuwe uitgeplant. Zo gaat dat door en als het allemaal groeien wil, kan ik tot in oktober nog verse sla leveren. Soms nog later. In de herfst zijn het wel andere rassen dan vroeg in het voorjaar. Meestal ga ik uit van kleine plantjes, die ik koop bij een biologische plantenkweker. Heel soms, als de kweker een bepaald type niet kan leveren, koop ik biologisch zaad voor professionals en zaai ik dat zelf, in potjes.”
ONTMOEDIGEND
Minder aantrekkelijk zijn de slakken die op de sla afkomen, maar Arie praat er berustend en op milde toon over. “Om slakken te ontmoedigen zorg ik ervoor dat de rand van het perceel zo onkruidvrij mogelijk is. Dan probeer ik door schoffelen en door heel lichtjes te frezen de zandgrond een beetje droog te houden,
zodat slakken niet zo makkelijk de oversteek maken vanuit de haag of vanuit de slootrand richting sla. En ja, verder kan ik er niets aan doen. Als ik een slak in de sla vind, dan gaat ie eruit. En als ik hem niet zie, gaat ‘ie met de sla mee de winkel in.”
ARIE LEVERT AL HEEL LANG VERSE SLA
“Eigenlijk al ruim 35 jaar, vanaf het begin, toen Gimsel nog aan de Botersloot zat. We stemmen af wat Gimsel aan soorten sla nodig heeft en wat ik kan leveren. Ik probeer zoveel mogelijk te telen, al heeft Gimsel inmiddels vaak méér sla nodig dan dat ik kan leveren. Dat is vanwege de vruchtwisselingseisen: waar dit jaar sla groeit, komt volgend jaar iets anders te staan, en de slateelt schuift een eindje op.” Dat is immers één van de grondbeginselen van het biologisch telen.
KONTJE
Hij kent twee manieren waarop je sla – en andijvie – thuis nog een paar dagen kunt bewaren. “Je kunt de krop in een afgesloten plastic zak of bak in de koelkast bewaren. Als de sla al wat slapjes is kun je hem eerst nog even onder de kraan houden en daarna afschudden. Bij de andere methode snij je van
het kontje een dun schijfje af en zet je de krop in een laagje water. Een halve cm is zat, anders is er weer meer kans op rottigheid, met name bij sla.”

